Toelichting op de balans

Voortgang maatregelen

Vaste activa

Terug naar navigatie - - Vaste activa

Vaste activa

Terug naar navigatie - Vaste activa - Vaste activa

Immateriële vaste activa

(bedragen x € 1.000) 2025 2024
Kosten afsluiten geldleningen/saldo agio en disagio    
Kosten onderzoek en ontwikkeling 17  
Bijdragen aan activa in eigendom van derden    
Totaal 17 0

 

Materiële vaste activa

Investeringen (bedragen x € 1.000) 2025 2024
In erfpacht uitgegeven gronden    
Waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven 5.617 5.522
Overige investeringen met een economisch nut 95.996 86.532
Investeringen in de openbare ruimte met uitsluitend maatschappelijk nut 3.015 3.015
Investeringen in de openbare ruimte met uitsluitend maatschappelijk nut vanaf 2017 geactiveerd 16.926 17.083
Totaal investeringen 121.554 112.152

 

Het onderstaande overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de overige investeringen met economisch nut over 2025 weer.

Activasoort (bedragen x € 1.000) Boekwaarde 1-1 Herrubricering  Investeringen Desinvesteringen Afschrijvingen Bijdragen van derden Afwaarderingen

Boekwaarde

31-12

Gronden en terreinen 1.113   770         1.883
Woonruimten 805       -25     780
Bedrijfsgebouwen 71.175   12.022 -216 -1.600 -840   80.541
Grond-, weg-, en waterbouwkundige werken 2.399   275   -67     2.607
Vervoersmiddelen 450       -169     281
Machines, apparaten en installaties 9.183   55   -567     8.671
Overige materiële vaste activa 1.407       -174     1.233
Totaal 86.532   13.122 -216 -2.602 -840   95.996

 

Het onderstaande overzicht geeft het verloop van de boekwaarde over 2025 weer van de investeringen met economisch nut waarvoor ten bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven:

Activasoort (bedragen x € 1.000)

Boekwaarde 1-1 Herrubricering Investeringen Desinvesteringen Afschrijvingen Bijdragen van derden Afwaarderingen

Boekwaarde

31-12

Grond-, weg-, en waterbouwkundige werken 5.512   304   -207     5.609
Machines, apparaten en installaties 10       -2     8
Totaal 5.522   304   -209     5.617

 

Het onderstaande overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de investeringen met maatschappelijk nut over 2025 weer:

Activasoort (bedragen x € 1.000) Boekwaarde 1-1 Herrubricering Investeringen Desinvesteringen Afschrijvingen Bijdragen van derden Afwaarderingen

Boekwaarde

31-12

Bedrijfsgebouwen 553       -34     519
Grond-, weg-, en waterbouwkundige werken 17.837   1.147   -777 -345   17.862
Machines, apparaten en installaties     45     -8   37
Overige materiële vaste activa 1.708   3   -188     1.523
Totaal 20.098   1.195   -999 -353   19.941

Eenmalige afschrijvingen
In 2025 hebben er geen eenmalige afschrijvingen plaatsgevonden.

Mogelijk af te stoten vaste activa
Niet van toepassing.


Financiële vaste activa
Het verloop van de financiële vaste activa gedurende het jaar 2025 wordt in onderstaand overzicht weergegeven:

(bedragen x € 1.000) Boekwaarde 1-1 Investeringen Desinvesteringen Aflossingen / Afschrijvingen Afwaarderingen Boekwaarde 31-12
Kapitaalverstrekkingen aan:            
- deelnemingen 795 132       927
- gemeenschappelijke regelingen            
- overige verbonden partijen            
Leningen aan:            
- woningbouwcorporaties            
- deelnemingen            
- overige verbonden partijen            
Overige langlopende leningen u/g 6.576 49 -2     6.623
Overige uitzettingen met een rentetypische looptijd van een jaar of langer            
Bijdragen aan activa in eigendom van derden            
Totaal 7.371 181 -2     7.550

De deelnemingen betreffen:

  • Inclusief Groep/voormalig RNV € 433.000
  • Alliander € 155.000
  • Bank Nederlandse Gemeenten € 170.000
  • Fryslan Miljeu € 133.000
  • Afvalsturing € 27.000
  • Recreatiegemeenschap Veluwe Holding € 7.000
  • Vitens € 2.000
  • Handel & ambacht, garantiekap. R.D.C. € 400

 

De langlopende leningen u/g betreffen:

  • Renteloze lening woningbouw € 37.000
  • Startersleningen woningbouw € 2.673.000
  • Duurzaamheidssttimuleringsleningen woningbouw € 1.581.000
  • Alliander € 1.567.000
  • Toekomstbestendig wonen € 750.000
  • Hypothecaire lening woningbouw € 15.000

Vlottende activa

Terug naar navigatie - - Vlottende activa

Vlottende activa

Terug naar navigatie - Vlottende activa - Vlottende activa

Voorraden
De in de balans opgenomen voorraden worden uitgesplitst naar de volgende categorieën:

bedragen x € 1.000 2025 2024
Grond- en hulpstoffen, gespecificeerd naar:
- niet in exploitatie genomen bouwgronden
- overige grond- en hulpstoffen
   
Onderhanden werk, waaronder bouwgrond in exploitatie 600 1.683
Gereed product en handelsgoederen    
Vooruitbetalingen    
Totaal 600 1.683

 

Van de bouwgronden in exploitatie kan van het verloop in 2025 het volgende overzicht worden gegeven:
In onderstaande tabel kunnen kleine afrondingsverschillen voorkomen.

bedragen x € 1.000 Boekwaarde 1-1

Van gronden niet in exploitatie

Investeringen Opbrengsten Winstuitname

Aanwenden verliesvoorziening

Boekwaarde 31-12 Voorziening verlies-latend complex* Balanswaarde 31-12
Het Trefpunt  -161   -14   175       0
Veldzicht Noord fase 4 1.844   -1.638   394       600
Totaal 1.683   -1.652   569       600
Nog te maken kosten 140
Totaal exploitatiekosten 740
Nog te verwachten opbrengsten 895
Verwacht exploitatieresultaat (voordelig) 155

* De verliesvoorzieningen worden, conform het BBV, verminderd op de geactiveerde kosten.

Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
De in de balans opgenomen uitzettingen met een looptijd van een jaar of minder kunnen als volgt gespecificeerd worden:

Uitzettingen korter dan een jaar ( bedragen x € 1.000)

saldo 31-12-2025

Voorziening oninbaarheid Gecorrigeerd saldo 31-12-2025 Gecorrigeerd saldo 31-12-2024
Vorderingen op openbare lichamen 7.602   7.602 7.116
Verstrekte kasgeldleningen aan openbare lichamen        
Verstrekte kasgeldleningen        
Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijd korter dan één jaar        
Rek. crt. met het Rijk 23.943   23.943 29.412
Rek. crt. verhoudingen met niet financiële instellingen        
Overige vorderingen 4.711 -818 3.893 2.077
Overige uitzettingen        
Totaal 36.256 -818 35.438 38.605

De voorziening oninbaarheid betreft de voorziening dubieuze debiteuren voor reguliere vorderingen van € 561.000 en vorderingen van Sociale Zaken van € 256.683.

Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1.000)

Verslagjaar 2025
(1) Drempelbedrag        
  Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4
(2) Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen 403 405 405 405
(3a) = (1) > (2) Ruimte onder het drempelbedrag 1.823 1.821 1.821 1.821
(3b) = (2) > (1) Overschrijding van het drempelbedrag - - - -
 
(1) Berekening drempelbedrag
(4a) Begrotingstotaal verslagjaar 111.296      
(4b) Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of gelijk is aan € 500 miljoen 111.296      
(4c) Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat        
(1) = (4b)*0,02 + (4c)*0,002 met een minimum van € 1.000.000 als het begrotingstotaal kleiner of gelijk is aan 500 mln. En als begrotingstotaal groter dan € 500 miljoen is is het drempelbedrag gelijk aan € 10 miljoen, vermeerderd met 0,2% van het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat. Drempelbedrag 2.225,92      
 
(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen

 

Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4
(5a) Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil)

36.250

36.837 37.225 37.221
(5b) Dagen in het kwartaal 90 91 92 92
(2) - (5a) / (5b) Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen 403 405 405 405


Liquide middelen

Het saldo van de liquide middelen bestaat uit de volgende componenten:

bedragen x € 1.000 2025 2024
Kassaldi    
Banksaldi 406 406
Totaal 406 406


Overlopende activa

De post overlopende activa kan als volgt worden onderscheiden:

bedragen x € 1.000 2025 2024
Vooruitbetaalde bedragen 377 611
Nog te ontvangen bedragen 6.078 4.628
Nog te ontvangen overheidsbijdragen met een specifiek bestedingsdoel 1.220 1.955
Totaal 7.675 7.194

De vooruitbetaalde bedragen per 31 december 2025 van € 377.000 zijn te splitsen in:

  • Tussenrekeningen € 19.000
  • Vooruitbetaald in 2024 € 262.000
  • Vooruitbetaalde subsidie NIP (Nationaal Isolatie Programma) € 96.000

Uitzettingen korter dan één jaar en Overlopende activa hebben overwegend een kortlopend karakter en worden binnen één jaar na balansdatum afgewikkeld.

 

Van Europese of Nederlands overheidslichamen ontvangen, nog te ontvangen specifieke uitkeringen: 

Omschrijving (bedragen x € 1.000)  Saldo 31-12-2024 Ontvangen Toevoeging  Saldo 31-12-2025
Tijdelijke impulsregeling klimaatadaptatie 2021–2027 328     328
SPUK IZA-doelen 2023-2026 68 -68 114 114
SPUK Sport 547 -547   0
Regeling specifieke uitkering gemeentelijke hulp aan gedupeerden kinderopvangtoeslagproblematiek 45 -45 13 13
Bekostigingsregeling opvang ontheemden Oekraïne 340 -340 289 289
SPUK ventilatie in scholen 627 -627    
Realisatiestimulans     476 476
Totaal 1.955 1.627 892 1.220

 

Vaste passiva

Terug naar navigatie - - Vaste passiva

Vaste passiva

Terug naar navigatie - Vaste passiva - Vaste passiva

Eigen vermogen
Het in de balans opgenomen Eigen vermogen bestaat uit de volgende posten:

bedragen x € 1.000 2025 2024
Algemene Reserves 14.699 15.321
Bestemmingsreserves:
- voor egalisatie van tarieven
- overige bestemmingsreserves
58.618 55.734
Resultaat na bestemming 7.483 1.875
Totaal 80.800 72.930

 

Voorzieningen
De voorzieningen kunnen als volgt worden onderverdeeld:

bedragen x € 1.000 2025 2024
Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's 5.761 4.726
Onderhoudsegalisatievoorzieningen 1.226 1.325
Voorzieningen voor toekomstige vervangingsinvesteringen met heffing    
Door derden beklemde middelen met een specifieke aanwendingsrichting 11.420 10.802
Totaal 18.407 16.853

De verliesvoorziening grondexploitatie wordt, conform het BBV, verminderd op de geactiveerde kosten. De voorzieningen dubieuze debiteuren voor reguliere vorderingen en vorderingen van Sociale Zaken worden, conform het BBV, in mindering gebracht op het debiteurensaldo.
Voor een verdere toelichting op de reserves en voorzieningen wordt verwezen naar Reserves en Voorzieningen.

 

Vaste schulden, met een rentetypische looptijd van één jaar of langer

bedragen x € 1.000 2025 2024
Obligatieleningen    

Onderhandse leningen:

- binnenlandse pensioenfondsen en verzekeringsinstellingen
- binnenlandse banken en overige financiële instellingen
- binnenlandse bedrijven
- overige binnenlandse sectoren
- buitenlandse instellingen, fondsen, banken, bedrijven en overige sectoren

55.000 59.500
  55.000 59.500
Door derden belegde gelden    
Waarborgsommen 1 1
Totaal 55.001 59.501

 

In onderstaand overzicht wordt het verloop van de vaste schulden over het jaar 2025 weergegeven.

bedragen x € 1.000 Saldo
31-12-2024
Vermeerderingen Aflossingen Saldo
31-12-2025
Obligatieleningen        
Onderhandse leningen 59.500   -4.500 55.000
Door derden belegde gelden        
Waarborgsommen 1     1
Totaal 59.501   -4.500 55.001

De totale rentelast voor het jaar 2025 met betrekking tot de vaste schulden bedroeg € 927.000.
Aflossingsverplichting: In 2026 zal € 4.500.000 worden afgelost op de onderhandse leningen.

Vlottende passiva

Terug naar navigatie - - Vlottende passiva

Vlottende passiva

Terug naar navigatie - Vlottende passiva - Vlottende passiva

Netto-vlottende schulden, met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
Onder de vlottende passiva zijn opgenomen:

bedragen x € 1.000 2025 2024
Schulden korter dan een jaar 5.230 5.701
Overlopende passiva 13.802 12.426
Totaal 19.032 18.127

 

Kortlopende schulden
De in de balans opgenomen kortlopende schulden kunnen als volgt worden gespecificeerd:

bedragen x € 1.000 2025 2024
Kasgeldleningen    
Banksaldi    
Overige schulden 5.230 5.701
Totaal 5.230 5.701

 

Overlopende passiva
De specificatie van de post overlopende passiva is als volgt:

bedragen x € 1.000 2025 2024
Vooruitontvangen bedragen 278 398
Vooruitontvangen overheidsbijdragen met een specifiek bestedingsdoel 8.235 7.280
Nog te betalen bedragen 5.289 4.748
Totaal 13.802 12.426

 

In onderstaande tabel wordt de post "Vooruitontvangen overheidsbijdragen met een specifiek bestedingsdoel" gespecificeerd:

Omschrijving (bedragen x € 1.000) Saldo 1-1-2025 Afwikkeling uitgaven Vrijval 2025 Nieuw 2025 Saldo 31-12-2025
Europese overheid          
Rijk 5.523 -13.879   15.003 6.647
Overige Nederlandse overheden 1.757 -1.263   1.094 1.588
Totaal 7.280 -15.142   16.097 8.235

 

Van Europese of Nederlands overheidslichamen ontvangen, nog te besteden specifieke uitkeringen:

Omschrijving, bedragen x € 1.000 Saldo 31-12-2024 Toevoeging Vrijval /uitgaven Saldo 31-12-2025
Begeleiden ex-gedetineerden 27 9 -9 27
Instandhoudingssubsidie (SIM) -10 7 -10 -13
Duurzaam maatschappelijk vastgoed (DUMAVA) 35     35
SPUK Kwijtschelding gemeentelijke belastingen 0 2 -2 0
SPUK Gemeentelijke hulp aan gedupeerden kinderopvangtoeslagproblematiek 0 58 -58 0
Regeling stimulering verkeersveiligheidsmaatregelen 2020-2021 318     318
SPUK  Onderwijs achterstandenbeleid 429 464 -312 581
Middelen inhalen COVID-19 gerelateerde onderwijsvertragingen 43   -6 37
SPUK Vastgoedtransitie gesloten jeugdhulp 2020 - 2023 539     539
SPUK lokale preventieakkoorden of preventieaanpakken 2   -2 0
SPUK vastgoedtransitie residentiële jeugdhulp 2021 80     80
TOZO 31 9 -31 9
Subsidieregeling sanering verkeerslawaai 137     137
Bijstandsuitkering   7.137 -7.137 0
Wet Inburgering 601 562 -614 549
Aanpak Energiearmoede 202   -4 198
Opvang ontheemden Oekraïne 0 3.460 -3.460  
Onderwijsroute 25 24 -25 24
Regeling stimulering verkeersveiligheidsmaatregelen 2022-2023 125   -42 83
Tijdelijke impulsregeling klimaatadaptatie 2021–2027 128     128
SPUK Breed 87 437 -398 126
SPUK Informatiepunten Digitale Overheid 0 26 -26 0
SPUK Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004 (Bbz) 2 2   4
 SPUK Kwijtschelding publieke schulden SZW in verband met de hersteloperatie toeslagen 0 7 -7 0
SPUK Meerkosten Energie Openbare Zwembaden 270   -270 0
SPUK IZA-doelen 2023-2026 0 183 -183 0
Tijdelijke regeling capaciteit decentrale overheden voor klimaat-.en energiebeleid 858 1.066 -520 1.404
SPUK Nationaal Isolatieprogramma 1.544 697 -203 2.038
SPUK versterking cliëntondersteuning 2024 50   -43 7
Regeling stimulering verkeersveiligheidsmaatregelen 0 377 -41 336
Realisatiestimulans 0 476 -476 0
Totaal 5.523 15.003 -13.879 6.647

 

In onderstaande tabel wordt de post "Nog te betalen" gespecificeerd:

Omschrijving, bedragen x € 1.000 Saldo 31-12-2024 Saldo 31-12-2025
SPUK Sport 267 883
SPUK Ventilatie scholen 626 0
Onderwijsroute   41
Nog te betalen 3.855 4.365
Totaal 4.748 5.289

 

Waarborgen en garanties
Het, buiten de telling van de balans, vermelde bedrag voor verstrekte waarborgen aan natuurlijke- en rechtspersonen kan als volgt naar de aard van de geldlening gespecificeerd worden:

Geldnemer (bedragen x € 1.000)

Aard / omschrijving Percentage borgstelling  Restant begin jaar Restant eind jaar
Eleos, Stichting gereformeerde geestelijke gezondheidszorg financiering Huize Regenboog 100% 107 100
Inclusief Groep werkvoorziening 1/7 deel (7 RNV gemeenten) 198 187
Sportaccommodaties: afhechting Telgtereng A garantie afhechting sportpark Telgtereng 100% 117 107
Sportaccommodaties: afhechting Telgtereng B garantie afhechting sportpark Telgtereng 100% 64 58
Vestia Groep sociale woningbouw indirect 651 579
Woningstichting UWOON (De Groene Zoom) sociale woningbouw indirect 119.600 125.652
Totaal 120.737 126.683

Via het Waarborgfonds Sociale Woningbouw staat de gemeente Ermelo per balansdatum garant voor € 125.652.000 voor leningen van UWOON en voor € 579.000 voor leningen van de Vestia Groep. De financiële positie van UWOON is goed. De financiële positie van de Vestia Groep staat al enkele jaren onder druk als gevolg van grote verliezen in de derivatenpositie. Ermelo verwacht echter niet dat er aanspraak gemaakt hoeft te worden op de garantstelling van het Rijk en gemeenten. Indien wel een renteloze lening aan het Waarborgfonds verstrekt had moeten worden ter grootte van het schadebedrag dan becijferen wij dit risico als volgt: 25% * € 579.000 = € 144.750. Het financieel risico is dan de rentederving, zijnde 3,75% * € 144.750 = € 5.428,13. 

 

Niet in de balans opgenomen belangrijke financiële verplichtingen waaraan de gemeente voor de toekomstige jaren is verbonden
De gemeente Ermelo heeft op diverse gebieden contracten afgesloten. Hieronder volgt een opsomming van de belangrijkste van deze verplichtingen.

Betreft Aard Einddatum contract Bedrag verplichting
Levering gas Raamovereenkomst 31-12-2028 Varieert per jaar
Afvalbeheer Raamovereenkomst met meerdere aanbieders Varieert per aanbieder Varieert per jaar
Verzekeringen Raamovereenkomst met meerdere aanbieders Varieert per aanbieder Varieert per jaar
Elektriciteit Raamovereenkomst 31-12-2025 Varieert per jaar
Juridische adviesdiensten Raamovereenkomst met meerdere aanbieders Varieert per aanbieder Varieert per jaar
Uitzendkrachten / tijdelijk personeel Raamovereenkomst met meerdere aanbieders Varieert per aanbieder Varieert per jaar
Schoonmaakonderhoud, vloeronderhoud en Glasbewassing  Raamovereenkomst 30-11-2025 Varieert per jaar
Accountantsdiensten  Raamovereenkomst 31-12-2027 Varieert per jaar
Aanleg en onderhoud straatmeubilair en speeltoestellen Raamovereenkomst met meerdere aanbieders 31-12-2026 Varieert per jaar
Aanleg  en onderhoud wegennet Raamovereenkomst met meerdere aanbieders Varieert per aanbieder Varieert per jaar
Openbare verlichting Raamovereenkomst 31-12-2026 Varieert per jaar
Groenvoorziening Raamovereenkomst met meerdere aanbieders Varieert per aanbieder Varieert per jaar
Leerlingenvervoer Raamovereenkomst 31-12-2026 Varieert per jaar
WMO (diverse) Raamovereenkomst met meerdere aanbieders Varieert per aanbieder Varieert per jaar
Jeugdhulp (diverse) Raamovereenkomst met meerdere aanbieders Varieert per aanbieder Varieert per jaar
Aanleg en onderhoud riolering, zuivering Raamovereenkomst met meerdere aanbieders Varieert per aanbieder Varieert per jaar
Onderhoud gebouwen installaties Raamovereenkomst met meerdere aanbieders Varieert per aanbieder Varieert per jaar

 

Gebeurtenissen na balansdatum
Alle ten tijde van het opmaken van de jaarrekening beschikbare informatie omtrent de feitelijke situatie per balansdatum is bij het opmaken van de jaarrekening in aanmerking genomen en verwerkt. Er hebben zich na het opmaken van de jaarrekening geen gebeurtenissen van betekenis voorgedaan die nadere informatie geven over de feitelijke situatie op balansdatum.

Reserves en Voorzieningen

Terug naar navigatie - - Reserves en Voorzieningen

Algemene informatie

Terug naar navigatie - Reserves en Voorzieningen - Algemene informatie

In dit hoofdstuk vindt u informatie met betrekking tot de reservepositie van Ermelo. Onder de reservepositie wordt verstaan het totaal van alle reserves en voorzieningen.

Ermelo kent van oudsher een riante reservepositie. Wel zijn er besluiten genomen om de reserves in te zetten als dekkingsmiddel (al dan niet in het kader van de ombuigings- en bezuinigingstrajecten) en/of ter realisatie van nieuwe voorzieningen. Gevolg is dat een behoorlijk deel van de huidige reservepositie hierdoor vastligt en dat de reservepositie dus de komende jaren langzaam maar zeker zal gaan afnemen. Wel staan er dan (nieuwe) voorzieningen tegenover.

Reserves en voorzieningen vallen onder het budgetrecht van de raad. Dit betekent dat instellen, wijzigen, afromen, opheffen, toevoegingen en beschikkingen altijd door de raad geautoriseerd moeten worden. Dit kan gebeuren bij de jaarlijkse programmabegroting en/of de tussentijdse begrotingswijzigingen (voor-/najaarsrapportages) en/of de jaarstukken.

Financieel kengetal: Solvabiliteitsratio
De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin de medeoverheid in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. Het ratio wordt bepaald door het eigen vermogen (algemene en bestemmingsreserves en resultaat uit het overzicht van baten en lasten) uit te drukken in een percentage van het balanstotaal. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid.

Kengetal Jaarstukken
2021
Jaarstukken
2022
Jaarstukken
2023
Begroting 2024 Jaarstukken 2024 Jaarstukken 2025
Solvabiliteitsratio 42.2% C 23.2% A 40.9% B 34,5% B 44% B 47% B


De risico's in relatie tot het weerstandsvermogen

In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing wordt expliciet ingegaan op de omvang van het weerstandsvermogen en de weerstandscapaciteit ten opzichte van de risico's die daar tegen afgezet dienen te worden. Kortheidshalve volstaan wij hier met een verwijzing naar deze paragraaf.

Overzicht verloop reserves en voorzieningen

Terug naar navigatie - Reserves en Voorzieningen - Overzicht verloop reserves en voorzieningen
Omschrijving Bedragen (x 1.000)
Saldo 1-1-2025
Resultaat bestemming 2024
Saldo 1-1-2025 incl. saldo Jaarrekening 2024
Toevoegingen
Onttrekkingen
Vrijval
Saldo 31-12-2025
Reserves algemene bestemming
Algemene reserve vrij besteedbaar
12.766
1.034
13.800
841
-2.794
11.847
Algemene risicoreserve
2.555
2.555
297
0
2.852
Totaal reserves algemene bestemming
15.321
1.034
16.355
1.138
-2.794
14.699
Reserves specifieke bestemming
Bestemmingsreserve Grondexploitatie
6.110
6.110
569
-270
6.409
Bestemmingsreserve Egalisatie MJB
3.023
3.023
2.953
-1.491
4.485
Bestemmingsreserve Duurzaamheid
1.000
1.000
535
-211
1.324
Bestemmingsreserve Nieuwbouw sportcentra Calluna
16.917
16.917
645
0
17.562
Bestemmingsreserve GVVP (BBR)
3.640
3.640
0
-125
3.515
Bestemmingsreserve Overig V&V (BBR)
4.208
4.208
0
-193
4.015
Bestemmingsreserve CO (BBR)
3.187
3.187
0
-138
3.049
Bestemmingsreserve Bouwen (BBR)
247
247
0
-13
234
Bestemmingsreserve Sport (BBR)
69
69
0
-7
62
Bestemmingsreserve HvG
1.425
1.425
0
-75
1.350
Bestemmingsreserve MOP gebouwen
296
296
0
-8
288
Bestemmingsreserve Onderwijshuisvesting
750
750
1.000
0
1.750
Bestemmingsreserve Investeringen fysiek domein
3.000
3.000
180
-645
2.535
Bestemmingsreserve Transitie Sociaal Domein
3.164
3.164
0
-258
2.906
Bestemmingsreserve Transitie Fysiek domein
368
368
0
-184
184
Bestemmingsreserve Strategische investeringen vakantieparken
1.000
1.000
0
0
1.000
Bestemmingsreserve Uitvoering moties
1.585
1.585
0
-450
1.135
Bestemmingsreserve Huisvesting
5.745
5.745
1.000
0
6.745
Bestemmingsreserve Leren en Beleven
70
0
70
Totaal reserves specifieke bestemming
55.734
0
55.734
6.952
-4.068
58.618
0,00
Subtotaal reserves
71.055
1.034
72.089
8.090
-6.862
73.317
Budgetoverheveling
841
0
Resultaat na bestemming
1.875
-1.875
7.649
7.649
Totaal reserves
72.930
0
72.089
15.739
-6.862
80.966
Omschrijving Bedragen (x 1.000) - = voordeel
Saldo 1-1-2025
Toevoegingen
Onttrekkingen
Vrijval
Saldo 31-12-2025
Voorzieningen
Voorziening egalisatie onderhoud
Voorziening groot onderhoud wegen
2
1.137
-1.029
110
Voorziening groot onderhoud verlichting
203
9
0
212
Voorziening civiele kunstwerken
140
37
-19
158
Voorziening kunstwerken
59
13
-21
51
Voorziening gemeentelijke gebouwen
574
255
-537
292
Voorziening private accomodaties
347
153
-97
403
Van derden verkr. Middel. Spec. Besteding
Voorziening afvalstoffenheffing
554
51
0
605
Voorziening afkoop schoonmaken graven
525
14
-10
529
Voorziening uitbreiding capaciteit begraafplaats
421
5
-70
356
Voorziening toekomstig onderhoud terrein begraafplaats
427
24
-38
413
Voorziening groot onderhoud Riolering
185
17
0
202
Voorziening egalisatie riolering
8.419
656
0
9.075
Voorziening boscompensatie
271
0
-31
240
Voorziening verplicht., verlies, risico
Voorziening pensioenverplichting wethouders*
4.234
885
-262
4.857
Voorziening WGA-gelden
173
524
-23
674
Voorziening voormalig personeel
148
0
-114
34
Voorziening WW
49
0
-43
6
Voorziening verlofsparen
97
49
0
146
Voorziening RVU
25
41
-22
44
Subtotaal
16.853
3.870
-2.316
0
18.407
Voorziening BBV artikel 63 lid 8
Voorziening dubieuze debiteuren
497
159
-95
561
Voorziening dubieuze debiteuren Sociale Zaken
338
-81
257
Totaal voorzieningen
17.688
4.029
-2.492
0
19.225
* Het pensioen voor wethouders is geregeld in de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers (Appa). Gemeenten hebben op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) de taak om hiervoor een toereikende voorziening te vormen. Vanaf 1 januari 2028 gaan de pensioenen van politieke ambtsdragers over naar het nieuwe pensioenstelsel en wordt het overgedragen aan het pensioenfonds ABP, waarbij de aanwezige voorziening per 1 januari 2028 voldoende dient te zijn om de benodigde overdrachtswaarde te kunnen dekken. Nu de inwerkingtreding van de nieuwe pensioenwet een zekerheid is, zijn wij op basis van een stellige uitspraak van de Commissie BBV verplicht om de voorziening te actualiseren waarbij rekening dient te worden houden met de dekkingsgraad van het ABP. Deze is bepaald op 122,2%. De voorziening moet tot het moment van overdracht aan het ABP jaarlijks worden herzien met als uitgangspunt de benodigde overdrachtswaarde. Dat betekent ook dat de mogelijkheid bestaat dat er, bij bijvoorbeeld een veranderde rente, levensverwachting en/of dekkingsgraad, een stijging dan wel daling mogelijk is. Voor onze huidige wethouders en oud-wethouders die op dit moment nog niet met pensioen zijn, moeten we een voorziening vormen die op termijn toereikend moet zijn om ieders pensioen te kunnen betalen. Voor de bepaling van de hoogte van deze voorziening moeten we gebruik maken van actuariële berekeningen. Hierbij is rekening gehouden met de actuele rekenrente, sterftecijfers en indexering van de pensioenen. Ten opzichte van vorig jaar is de rekenrente op basis van de circulaire van BZK verhoogd van 2,325% naar 2,954%. In de circulaire van BZK is bepaald dat de ABP-pensioenen met ingang van 1 januari 2026 worden verhoogd met 2,84%. Dat betekent dat ook de Appa pensioenen met ingang van 1 januari 2026 worden verhoogd met 2,84%. De indexatie is opgenomen in de waardeberekeningen. Actueel geldende sterftecijfers zijn van toepassing.

Overzicht van structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves

Terug naar navigatie - Reserves en Voorzieningen - Overzicht van structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves
Omschrijving reserve Bedragen (x 1.000)
Saldo 1-1-2025
Toevoegingen
Onttrekkingen
Saldo 31-12-2025
incidenteel
structureel
incidenteel
structureel
RESERVES ALGEMENE BESTEMMING
Algemene reserve vrij besteedbaar
12.766
1.875
0
-2.794
0
11.847
Algemene risicoreserve
2.555
297
0
0
0
2.852
Subtotaal
15.321
2.172
0
-2.794
0
14.699
RESERVES SPECIFIEKE BESTEMMING
Bestemmingsreserve Grondexploitatie
6.110
569
0
-270
0
6.409
Bestemmingsreserve Egalisatie MJB
3.023
2.953
0
-1.491
0
4.485
Bestemmingsreserve Duurzaamheid
1.000
410
125
-204
-7
1.324
Bestemmingsreserve Nieuwbouw sportcentra Calluna
16.917
645
0
0
0
17.562
Bestemmingsreserve GVVP (BBR)
3.640
0
0
0
-125
3.515
Bestemmingsreserve Overig V&V (BBR)
4.208
0
0
0
-193
4.015
Bestemmingsreserve CO (BBR)
3.187
0
0
0
-138
3.049
Bestemmingsreserve Bouwen (BBR)
247
0
0
0
-13
234
Bestemmingsreserve Sport (BBR)
69
0
0
0
-7
62
Bestemmingsreserve HvG
1.425
0
0
0
-75
1.350
Bestemmingsreserve MOP gebouwen
296
0
0
-8
0
288
Bestemmingsreserve Onderwijshuisvesting
750
0
1.000
0
0
1.750
Bestemmingsreserve Investeringen fysiek domein
3.000
180
0
-645
0
2.535
Bestemmingsreserve Transitie Sociaal Domein
3.164
0
0
-258
0
2.906
Bestemmingsreserve Transitie Fysiek domein
368
0
0
-184
0
184
Bestemmingsreserve Strategische investeringen vakantieparken
1.000
0
0
0
0
1.000
Bestemmingsreserve Uitvoering moties
1.585
0
0
-450
0
1.135
Bestemmingsreserve Huisvesting
5.745
1.000
0
0
0
6.745
Bestemmingsreserve Leren en Beleven
70
0
0
0
70
Subtotaal
55.734
5.827
1.125
-3.510
-558
58.618
Totaal reserves
71.055
7.999
1.125
-6.304
-558
73.317

Analyse reserves en voorzieningen

Terug naar navigatie - Reserves en Voorzieningen - Analyse reserves en voorzieningen
Omschrijving
Grootboek
Totaal begroting
Totaal realisatie
Verschil
Toelichting (afgeronde bedragen met een minimum van € 5.000)
Reserves
RES0001 Algemene reserve (vrij besteedbaar)
47100
-3.241.000
-2.793.880
-447.120
In de begroting van 2025 is € 127.000 geraamd als dekking voor uitgaven die niet worden uitgevoerd of waarvan de werkelijke kosten lager waren.Er is € 297.000 overgeboekt naar de Algemen Risicoreserve, was niet begroot. Het overige verschil van € 617.000 wordt verklaard door verschillende budgetoverhevelingen naar 2026.
RES0002 Algemene Risicoreserve
47100
-282.000
0
-282.000
De werkelijke uitgaven zijn lager dan de geraamde onttrekkingen.
87100
0
297.000
-297.000
Overboeking vanuit de Algemene resreve
RES0004 Best.reserve Grondexploitatie
47100
-283.000
-270.000
-13.000
Het verschil van € 13.000 wordt verklaard door budgetoverheveling naar 2026.
87100
1.683.000
56.900
1.626.100
De storting was gebaseerd op de te verwachten opbrengst uit de verkoop van een stuk grond. Gezien deze opbrengst wordt meegenomen in de grondexploitatie van Veldzicht Noord Fase 4 en de winstneming in 2025 van dit complex lager ligt, leidt dit tot een verschil.
RES0008 Best.reserve Duurzaamheid
47100
-335.000
-210.886
-124.114
De werkelijke uitgaven zijn lager dan de geraamde onttrekkingen en € 75.000 is een budgetoverheveling naar 2026.
RES0022 Best.reserve Transitie Sociaal Domein
47100
-446.000
-257.300
-188.700
In de begroting van 2025 is € 139.000 geraamd als dekking voor uitgaven die niet worden uitgevoerd of waarvan de werkelijke kosten lager waren. Het overige verschil van € 50.000 wordt verklaard door budgetoverhevelingen naar 2026.
RES0026 Best.reserve huisvesting
47100
-50.000
0
-50.000
Het verschil van € 50.000 wordt verklaard door budgetoverheveling naar 2026.
Totaal reserves
224.166
Omschrijving
Grootboek
Totaal begroting
Totaal realisatie
Verschil
Toelichting (afgeronde bedragen met een minimum van € 5.000)
Voorzieningen
VRZ0002 Afvalstoffenheffing
87200
88.000
50.910
37.090
Beschikking afval 2025
47200
-173.000
0
-173.000
Beschikking afval 2025
VRZ0003 Afkoop schoonmaken graven
87200
7.000
13.450
-6.450
Werkelijke boekingen ten opzichte van de begroting.
VRZ0004 Uitbr.capaciteit begraafplaats
47200
-132.000
-70.000
-62.000
Het verschil van € 62.000 wordt verklaard door budgetoverheveling naar 2026.
VRZ0005 Toekomst.ondh.terrein begraafplaats
87200
14.000
23.951
-9.951
Werkelijke boekingen ten opzichte van de begroting.
VRZ0006 Groot onderhoud riolering
47200
-8.000
0
-8.000
Werkelijke boekingen ten opzichte van de begroting.
VRZ0007 Egalisatie riolering
47200
-1.239.000
-1.045.158
-193.842
Beschikking riolering 2025
VRZ0008 Boscompensatie
43802
0
-31.317
31.317
Werkelijke boekingen ten opzichte van de begroting.
VRZ0016 Groot onderhoud wegen
43802
-1.137.000
-1.028.572
-108.428
Werkelijke boekingen ten opzichte van de begroting.
VRZ0019 MOP civiele kunstwerken
43802
-46.000
-18.450
-27.550
Werkelijke boekingen ten opzichte van de begroting.
VRZ0020 MOP Kunstwerken
43802
-47.000
-20.939
-26.061
Werkelijke boekingen ten opzichte van de begroting.
VRZ0022 Pensioenverpl. wethouders
87200
0
857.313
-857.313
Aanvullende storting in de voorziening.
47200
-141.000
-233.266
92.266
Werkelijke boekingen ten opzichte van de begroting.
VRZ0023 WGA-lasten
87200
264.000
524.476
-260.476
Aanvullende storting in de voorziening.
47200
-41.000
-23.078
-17.922
Gemeente Ermelo is eigenrisicodrager voor de WGA-uitkering van (ex-)werknemers. Dit betekent dat de betaling van de WGA-uitkering en de kosten van de re-integratie voor rekening van de gemeente komen.
VRZ0024 Dubieuze debiteuren
87200
2.000
159.440
-157.440
Toevoeging aan de voorziening in verband met opgelegde dwangsommen.
47200
0
-95.440
95.440
Onttrekking aan de voorziening in verband met betaalde of afgeboekte dwangsommen.
VRZ0025 Dubieuze debiteuren SoZa
87200
50.000
50.000
Toevoegingen en onttrekkingen aan de voorziening vinden plaats op basis van in- en oninbaarheid van vorderingen op debiteuren Sociale Zaken.
47200
0
-81.856
81.856
Toevoegingen en onttrekkingen aan de voorziening vinden plaats op basis van in- en oninbaarheid van vorderingen op debiteuren Sociale Zaken.
VRZ0030 Gemeentelijke gebouwen
43802
-638.000
-537.224
-100.776
Werkelijke boekingen ten opzichte van de begroting. In 2022 is besloten dat een aantal van de meerjarigonderhoudsvoorzieningen tot één voorziening gemeentelijke gebouwen worden samengevoegd. De uitgaven voor grootonderhoud worden uit deze voorziening gedekt.
VRZ0034 Voorziening WW
47200
-35.000
-43.123
8.123
Onttrekking aan de voorziening vanwege WW verplichting.
VRZ0035 Voorziening verlofsparen
87200
0
48.800
-48.800
Toevoeging op basis van werkelijk opgebouwd spaarverlof.
Totaal voorzieningen
-1.661.917

Grondslagen

Terug naar navigatie - - Grondslagen

Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling

Terug naar navigatie - Grondslagen - Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling

Wettelijke bepalingen
Met ingang van 1 januari 2004 is het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten 2004 (BBV) in werking getreden en is het Besluit Comptabiliteitsvoorschriften 1995 (CV95) vervallen. De Jaarstukken 2024 zijn opgemaakt met inachtneming van de voorschriften conform het BBV. In aanvulling hierop is ook rekening gehouden met de notities, stellige uitspraken en aanbevelingen van de commissie BBV.

Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening
De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De jaarrekening is opgesteld conform het continuïteitsprincipe ('going concern'). Uitgangspunt is dat de huidige activiteiten in de toekomst worden voortgezet. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op de balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarstukken bekend zijn geworden. Dividendopbrengsten van deelnemingen worden als baten genomen in het jaar waarin het dividend betaalbaar gesteld wordt (besluit tot toekenning van het dividend door de Algemene Vergadering van Aandeelhouders). Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskostengerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt. Voor arbeidskostengerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten vier jaar. Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (reorganisaties) dient wel een verplichting gevormd te worden. Er wordt geen rente toegerekend aan eigen financieringsmiddelen en dus ook niet als baat verantwoord of aan de reserves toegevoegd. Momenteel wordt er alleen rente toegerekend aan producten waar (kostendekkende) leges tegenover staan zoals riolering, afvalstoffen en begraafplaats en tevens aan de Grondexploitatie. Rentebaten van (nog lopende) beleggingen komen ten gunste van de algemene dekkingsmiddelen.

Balans
Artikel 59 BBV beschrijft het onderscheid tussen investeringen met uitsluitend maatschappelijk nut in de openbare ruimte en investeringen met een (beperkt) economisch nut. Investeringen die op enigerlei wijze kunnen leiden tot of bijdragen aan het verwerven van inkomsten zijn investeringen met economisch nut. De vraag of de investering geheel kan worden terugverdiend is niet relevant voor de classificatie. Bij lineaire afschrijving wordt over de investeringen op basis van de verwachte gebruiksduur jaarlijks een vast percentage van de verkrijgings- of vervaardigingsprijs afgeschreven. Afschrijvingen geschieden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar. Dit is de meest voorkomende afschrijvingsvorm. In het eerste jaar worden geen kapitaallasten berekend. In de volgende jaren wordt, zolang het investeringskrediet niet is afgesloten, uitsluitend de rente berekend. Pas na het volledig afsluiten van het krediet c.q. voltooien van de investering worden de volledige kapitaallasten (rente en afschrijving) opgenomen.

Immateriële vaste activa
De immateriële vaste activa worden gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs verminderd met de afschrijvingen en waardeverminderingen die naar verwachting duurzaam zijn. De kosten van onderzoek en ontwikkeling worden niet geactiveerd, maar worden in één keer ten laste van de exploitatie gebracht. Afsluitkosten van opgenomen geldleningen worden niet geactiveerd. Bijdragen aan activa in eigendom van derden worden geactiveerd. Dergelijke geactiveerde bijdragen zijn gewaardeerd op het bedrag van de verstrekte bijdragen, verminderd met afschrijvingen. De verleende bijdragen worden afgeschreven in de periode waarin het betrokken actief van de derde op basis van de door de gemeente gestelde voorwaarden moet bijdragen aan de publieke taak. Als gevolg van de BBV wijziging 2017 is deze categorie verhangen van de Financiële vaste activa naar de Immateriële vaste activa.

Materiële vaste activa
Investeringen met economisch nut
Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht. In die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. De in erfpacht uitgegeven percelen zijn gewaardeerd tegen de eerste uitgifteprijs (i.c. de waarde die bij eerste uitgifte als basis voor de canonberekening in aanmerking is genomen). Percelen waarvan de erfpacht eeuwigdurend is afgekocht, zijn tegen een geringe registratiewaarde opgenomen. Slijtende investeringen worden vanaf het moment van ingebruikneming lineair afgeschreven in de verwachte gebruiksduur, waarbij rekening wordt gehouden met een eventuele restwaarde. Op grondbezit met economisch nut (buiten de openbare ruimte) mag niet worden afgeschreven. Zie verder het Overzicht afschrijvingstermijnen en de afschrijvingstabel.
Bij de waardering van activa wordt in voorkomende gevallen rekening gehouden met een bijzondere vermindering van de waarde, indien deze naar verwachting duurzaam is. Dergelijke afwaarderingen worden teruggenomen als ze niet langer noodzakelijk blijken en geschieden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar. Volledigheidshalve vermelden wij dat op investeringen die vóór 2004 gedaan zijn soms extra is afgeschreven zonder economische noodzaak (ter verlichting van toekomstige lasten). Ook zijn in voorkomende gevallen reserves op dergelijke investeringen afgeboekt. Op de waarde van activa met economisch nut mogen vanaf 1 januari 2004 reserves niet meer in mindering worden gebracht. Investeringssubsidies en andere bijdragen van derden mogen wel in mindering worden gebracht. Compensabele BTW wordt niet geactiveerd.

Investeringen in de openbare ruimte met maatschappelijk nut
Overeenkomstig de door de gemeenteraad vastgestelde Nota Waarderen, Activeren en Afschrijven van Vaste Activa 2023 worden infrastructurele werken in de openbare ruimte, zoals bijvoorbeeld wegen, pleinen, bruggen, viaducten en parken geactiveerd en afgeschreven in 20 jaar. De ondergrond van deze werken wordt daarbij als integraal onderdeel van het werk beschouwd (en dus ook afgeschreven). Alle materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijzen, verminderd met de eventuele bijdragen (subsidies) van derden, beschikkingen over reserves en voorzieningen (voor zover toegestaan). De normale jaarlijkse afschrijvingen zijn gebaseerd op de geschatte nuttigheidsduur.

Investeringen met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven
Bij besluit van 25 juni 2013 is het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) gewijzigd. In het verleden was sprake van twee categorieën investeringen (met economisch nut en met maatschappelijk nut).
Daaraan is een derde categorie aan toegevoegd: Investeringen met een economisch nut, waarvoor ter bestrijding van de kosten een heffing kan worden geheven. Bij deze categorie valt te denken aan investeringen in riolering en de begraafplaats.

Financiële vaste activa
De financiële vaste activa worden gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs. De waarde van de geldleningen uitgeleend geld wordt verminderd met de jaarlijks ontvangen aflossingen. Kapitaalverstrekkingen aan gemeenschappelijke regelingen en leningen u/g zijn opgenomen tegen nominale waarde. Zo nodig is een voorziening voor verwachte oninbaarheid op de boekwaarde in mindering gebracht. Participaties in het aandelenkapitaal van NV’s en BV’s ("kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen" in de zin van het BBV) zijn gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs van de aandelen. Indien de waarde van de aandelen structureel mocht dalen tot onder de verkrijgingsprijs zal afwaardering tot marktwaarde plaatsvinden. Tot dusver is een dergelijke afwaardering niet noodzakelijk gebleken. De actuele waarde ligt ruim boven de verkrijgingsprijs. Obligatieportefeuilles worden gewaardeerd tegen de verwachte aflossingswaarden. Het verschil met de destijds betaalde verkrijgingsprijs wordt als transitorische (rente)post in de balans opgenomen. Dit verschil wordt in het resultaat opgenomen in de (gemiddelde) resterende looptijd tot aflossing/uitloting.

Voorraden onderhanden werk (complexen Grondexploitatie)
Dit betreft de boekwaarde per balansdatum van gronden welke in exploitatie zijn genomen. De complexen zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijzen, inclusief de aan de boekwaarde toegerekende financieringskosten en verminderd met de ontvangen bedragen wegens grondverkopen. Indien de marktwaarde lager is dan de verkrijgings- of vervaardigingsprijs, worden voorraden tegen lagere marktwaarde gewaardeerd. Het treffen van een voorziening gebeurt bij een geprognosticeerd verlies direct ter grootte van dit volledige verlies. Eventueel kan tussentijds winst genomen worden op basis van de "percentage of completion" methode die door de Commissie BBV is voorgeschreven. In specifieke gevallen kan de raad in lijn met de Nota Grondbeleid 2021 een andere winstafslag nemen op basis van projectspecifieke risico's. Voorwaarde is, dat dit dan wel voldoende onderbouwd is. Bij tussentijds winstnemen staat het voorzichtigheidsbeginsel centraal. Na de administratieve afwikkeling van de complexen worden de resultaten in beginsel ten gunste of ten laste van de reserve Grondexploitatie gebracht. Complexen worden administratief afgewikkeld nadat alle percelen zijn verkocht c.q. nadat de feitelijke werkzaamheden nagenoeg geheel zijn uitgevoerd. Eventueel bij de afsluiting van nog resterende percelen worden tegen de vermoedelijke opbrengstwaarde opgenomen, terwijl eventueel dan nog te verwachten posten wegens afwerking van het complex e.d. aan de passiefzijde van de balans worden opgenomen. Er is rekening gehouden met de aftrek voorbelasting BTW en de compensatie vanuit het BTW-compensatiefonds. Dit geschiedt aan de hand van de verdeling conform het bestemmingsplan. Indien deze nog niet voorhanden was is uitgegaan van een forfaitair percentage (60% bouwkavel, 40% gemeenschapsvoorzieningen).

Voorraden grond- en hulpstoffen
De voorraden grond- en hulpstoffen (magazijnvoorraden) worden gewaardeerd tegen de verkrijgingsprijs.

Debiteuren, overige vorderingen en nog te ontvangen bedragen
De debiteuren c.a. zijn opgenomen tegen nominale waarden. Voor dubieuze debiteuren is een tweetal voorzieningen (reguliere debiteuren en debiteuren Sociale Zaken) getroffen.

Vorderingen en overlopende activa
De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. De voorziening wordt statisch bepaald op basis van de geschatte inningskansen.

Liquide middelen
De liquide middelen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde.

Reserves
Reserves worden gevormd c.q. opgeheven conform door de raad genomen besluiten. Onttrekking uit en toevoeging aan de reserves geschiedt conform daartoe strekkende raadsbesluiten. Aan de reserves wordt geen rente toegevoegd. Waar noodzakelijk wordt er , binnen de door de raad gestelde kaders, afgeroomd of worden negatieve standen aangevuld.
Met betrekking tot de bestemmingsreserves geldt dat de toevoegingen en beschikkingen maximaal het begrote bedrag mogen bedragen (een aantal uitzonderingen daargelaten). Afwijkingen verlopen via het rekeningresultaat en moeten in de (eerst mogelijke) voorjaars/najaarsrapportage alsnog verwerkt worden. Voor alle reserves worden onderbouwingsformulieren vervaardigd.

Voorzieningen
Op basis van door verslaggeving voorgeschreven regels worden voorzieningen gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. De pensioenverplichting ten behoeve van de wethouders wordt gewaardeerd op het reservevermogen per pensioendatum. Zo nodig wordt de omvang van de voorzieningen via extra dotaties of onttrekkingen aangepast aan de hand van een nieuwe inschatting van de omvang van de verplichtingen en risico's. Aan de voorzieningen wordt geen rente toegevoegd. Voor alle voorzieningen worden onderbouwingsformulieren vervaardigd. De onderhoudsegalisatievoorzieningen stoelen op een meerjarenraming van het uit te voeren groot onderhoud aan (een deel van) de gemeentelijke kapitaalgoederen, waarin rekening is gehouden met de kwaliteitseisen die ter zake geformuleerd zijn. In de paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen die is opgenomen in het jaarverslag is het beleid ter zake nader uiteengezet. Aan de onderhoudsvoorzieningen liggen beheerplannen ten grondslag.

Voorzieningen worden op grond van artikel 44 BBV gevormd voor:

  • Verplichtingen en verliezen waarvan de omvang op balansdatum onzeker is doch redelijkerwijs te schatten;
  • Bestaande risico's op balansdatum ter zake van verplichtingen of verliezen waarvan de omvang redelijkerwijs te schatten is;
  • Kosten die in een volgend begrotingsjaar worden gemaakt maar de oorsprong hebben in het begrotingsjaar of een eerder begrotingsjaar en de voorziening strekt tot kostenegalisatie;
  • Van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden, met uitzondering van de voorschotbedragen, bedoeld in artikel 49, onderdeel b.

De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren of terugbetaald moeten worden, worden niet door middel van een voorziening verantwoord, maar als vooruitontvangen bedragen op de balans verantwoord (stelselwijziging per 1 januari 2008).

Algemene informatie over pensioenen wethouders
Het pensioen voor wethouders is geregeld in de Algemene pensioenwet politieke ambtsdragers (Appa). Gemeenten hebben op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) de taak om hiervoor een toereikende voorziening te vormen.

Vanaf 1 januari 2028 gaan de pensioenen van politieke ambtsdragers over naar het nieuwe pensioenstelsel en wordt het overgedragen aan het pensioenfonds ABP, waarbij de aanwezige voorziening per 1 januari 2028 voldoende dient te zijn om de benodigde overdrachtswaarde te kunnen dekken. Nu de inwerkingtreding van de nieuwe pensioenwet een zekerheid is, zijn wij op basis van een stellige uitspraak van de Commissie BBV verplicht om de voorziening te actualiseren waarbij rekening dient te worden houden met de dekkingsgraad van het ABP. Deze is bepaald op 122,2%. De voorziening moet tot het moment van overdracht aan het ABP jaarlijks worden herzien met als uitgangspunt de benodigde overdrachtswaarde. Dat betekent ook dat de mogelijkheid bestaat dat er, bij bijvoorbeeld een veranderde rente, levensverwachting en/of dekkingsgraad, een stijging dan wel daling mogelijk is.

Voor onze huidige wethouders en oud-wethouders die op dit moment nog niet met pensioen zijn, moeten we een voorziening vormen die op termijn toereikend moet zijn om ieders pensioen te kunnen betalen. Voor de bepaling van de hoogte van deze voorziening moeten we gebruik maken van actuariële berekeningen. Hierbij is rekening gehouden met de actuele rekenrente, sterftecijfers en indexering van de pensioenen. Ten opzichte van vorig jaar is de rekenrente op basis van de circulaire van BZK verhoogd van 2,325% naar 2,954%. In de circulaire van BZK is bepaald dat de ABP-pensioenen met ingang van 1 januari 2026 worden verhoogd met 2,84%. Dat betekent dat ook de Appa pensioenen met ingang van 1 januari 2026 worden verhoogd met 2,84%. De indexatie is opgenomen in de waardeberekeningen. Actueel geldende sterftecijfers zijn van toepassing.

Vaste schulden
Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rentetypische looptijd van één jaar of langer. De aflossingen die binnen een jaar vervallen, worden uitsluitend in de toelichting apart vermeld evenals de daarmee gepaard gaande rentelast in het betreffende begrotingsjaar. De waardering van de verplichting uit hoofde van de financial leasing van de vervoermiddelen vindt plaats tegen de contante waarde van de contractueel verschuldigde leasetermijnen.

Vlottende passiva
De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. De voorschotbedragen met betrekking tot van derden verkregen middelen die specifiek besteed moeten worden als bedoeld in artikel 49, onderdeel b. worden als vooruitontvangen post opgenomen.

Borg- en garantstellingen
Voor zover leningen door de gemeente gewaarborgd zijn, is buiten de balanstelling het totaalbedrag van de geborgde schuldrestanten per einde boekjaar opgenomen. Overigens is in de toelichting op de balans nadere informatie opgenomen.

(leges)Tarieven
De (leges)tarieven worden niet gecorrigeerd voor de via het BTW-compensatiefonds ontvangen BTW.

Omzet
De jaaromzet is het totaal van de programma's en het overzicht Algemene Dekkingsmiddelen en het overzicht Onvoorzien. Vanaf 1996 is besloten om het product "Grondexploitatie" buiten de berekening te houden.

De omvangsbasis is gelijk aan de totale lasten van de gemeente. In de toelichting op de wetgeving staat dat de goedkeuringstolerantie wordt berekend op basis van een percentage van de totale lasten. Dit is het totaal van de programma's en het overzicht Algemene Dekkingsmiddelen en het overzicht Onvoorzien. Dus inclusief de Grondexploitatie.

Saldo van de rekening van baten en lasten
In overeenstemming met het BBV wordt het rekeningsaldo afzonderlijk opgenomen op de balans. Op voorstel van het college van burgemeester en wethouders wordt door de raad een bestemming c.q. dekking aan dit saldo gegeven.

Niet uit de balans blijkende verplichtingen
Behalve de in de balans op te nemen (voorwaardelijke) verplichtingen, kunnen er ook verplichtingen bestaan, die (nog) niet in aanmerking komen voor verwerking in de balans. In het BBV is aangegeven dat de gemeente zelf beleid moet formuleren wat “belangrijke verplichtingen” zijn. Gemeente Ermelo kiest als beleidslijn dat verplichtingen met een contractwaarde boven de Europese aanbestedingsgrens belangrijke verplichtingen zijn. Ook kan hierbij worden gedacht aan verplichtingen, die kunnen ontstaan uit verstrekte garanties jegens derden en gewaarborgde geldleningen. Voor zover leningen door de gemeente gewaarborgd zijn, is buiten telling het totaalbedrag van de geborgde schuldrestanten per einde boekjaar opgenomen. Overigens is in de toelichting op de balans nadere informatie opgenomen.

BTW
Enkel de inkoop-BTW op facturen met een factuurdatum in 2024 kan in 2024 worden gedeclareerd. De in rekening gebrachte inkoop-BTW moet conform de Wet op de Omzetbelasting 1968 alsmede de Wet op het BTW Compensatiefonds in het tijdvak worden verantwoord dat correspondeert met de factuurdatum. Dit betekent dat de BTW van facturen gedateerd vóór 31 december 2024 verantwoord wordt in 2024 en de BTW van facturen gedateerd ná 31 december 2024 eerst verantwoord wordt in 2025.

Rechtmatigheidsverantwoording
De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de Financiële Verordening en de Kadernota Rechtmatigheid van de (landelijke) Commissie BBV. Dat betekent dat:

  • De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiële rechtmatigheid van baten, lasten, balansmutaties, alsmede de baten en lasten inzake de specifieke uitkeringen op grond van art. 17 Financiële-verhoudingswet;
  • De financiële rechtmatigheid omvat:
    • Voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normenkader zoals op 9 april 2025 door de raad is vastgesteld;
    • Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en investeringskredieten onrechtmatig zijn, waarbij voor een aantal scenario’s in de Financiële Verordening 2023 is beschreven wanneer deze overschrijdingen acceptabel zijn. Voor over- en onderschrijdingen van baten, onderschrijdingen van lasten en onderschrijdingen van investeringskredieten geldt dat deze als onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig aan de raad zijn gemeld;
    • Ten aanzien van het M&O criterium is de Nota M&O beleid leidend bij het voorkomen en opsporen van misbruik- en oneigenlijk gebruik. Omdat alleen bij misbruik sprake is van een onrechtmatigheid, zijn eventuele gevallen van misbruik (mits cumulatief met andere fouten of onduidelijkheden boven de verantwoordingsgrens) opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording.
  • De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de Kadernota Rechtmatigheid 2024 van de Commissie BBV alsmede de eigen Financiële Verordening 2023. Dit betekent dat:
    • Een verantwoordingsgrens van 2%  is gehanteerd waarboven cumulatieve fouten en onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen;
    • Een rapporteringstolerantie van € 50.000 is gehanteerd waarboven fouten en onduidelijkheden in de paragraaf Bedrijfsvoering worden opgenomen.

Overzicht afschrijvingstermijnen

Terug naar navigatie - - Overzicht afschrijvingstermijnen

Overzicht afschrijvingstermijnen

Terug naar navigatie - Overzicht afschrijvingstermijnen - Overzicht afschrijvingstermijnen

De Nota Waarderen, Activeren en Afschrijven van Vaste Activa (WAAVA) is in de raadsvergadering van 6 december 2023 vastgesteld. De werking is ingegaan op 1 januari 2023. In deze nota is een afschrijvingstabel als bijlage opgenomen (zie hieronder).
 
Afschrijvingstermijnen investeringen economisch nut:

Soort actief

Afschrijvingsduur (in jaren)

Materiële vaste activa
Grond/ondergrond Geen afschrijving
Riolering: vrijvervalriolering 75
Riolering: gemalen bouwkundig gedeelte 60
Riolering: gemalen mechanisch/elektrisch 15
Riolering: persleidingen 60
Riolering: mechanische riolering, bouwkundig 40
Riolering: mechanische riolering, mechanisch/elektrisch 20
Gebouwen/woningen (permanent) 40
Gebouwen (niet-permanent)/noodlokalen 20
Gebouwrenovaties 15
Renovatie toren Oude Kerk 40
Woonwagens 50
Vaste inrichting bedrijfsgebouwen/scholen 20
Installaties en inrichting gebouwen (liften, cv e.d.) 20
No Break-systeem (continuïteit netspanning automatisering): hardware 15
No Break-systeem (continuïteit netspanning automatisering): accu's 5
Sociaal culturele accommodaties: audiovisuele middelen 5
Sociaal culturele accommodaties: toneel/- balletvloer 10
Technische infrastructuur (onder- en bovengronds): veiligheidsvoorzieningen, telefooninstallaties, e.d. 15
Zonnebanken 5
Circulatiepompen zwembad 15
Huishoudelijke apparatuur 10
Inventaris/meubilair/onderwijsleerpakketten 20
Bureaus 10
Bureaustoelen 7
Mobilofoons (BHV) 8
Automatiseringsapparatuur*: netwerkbekabeling 10
Automatiseringsapparatuur: software 5
Automatiseringsapparatuur: hardware 4
Automatiseringsapparatuur: driejaarlijks groot onderhoud 3
Bedrijfswagens/tractie/schaftwagens 6-10
Personenauto's (dienstwagens) 8
Klepelmaaier 6
Maaimachines 5
Werktuigen/machines/gereedschap 10
Immateriële vaste activa
Kosten van onderzoek en ontwikkeling                                                                                                  0-5
Financiële vaste activa
Deelnemingen Niet toegestaan
Bijdragen aan activa in eigendom van derden Maximaal de termijn die voor een soortgelijk actief in volle eigendom wordt gehanteerd.

* Automatisering gerelateerde investeringen vallen met ingang van 2015 geheel onder Meerinzicht.

Afschrijvingstermijnen investeringen in de openbare ruimte met een maatschappelijk nut:

Soort actief

Afschrijvingsduur (in jaren)

Materiële vaste activa
Aanlegkosten/renovatie wegen/straten/pleinen/voet- en fietspaden 20 
Aanlegkosten/renovatie sportterreinen 20
Lava-sportvelden 20
Toplagen kunstgrasvelden 10
Plantsoenreconstructies 20
Aanlegkosten snelheids-remmende voorzieningen 15
Renovatie/aanleg speelplaatsen 10
Verkeerslichten 15
Lichtmasten openbare verlichting 40
Armaturen openbare verlichting 20
Solar studs openbare verlichting 8
Groepsremplace openbare verlichting 4
SOX-lampen openbare verlichting 2
Immateriële vaste activa
Kosten van onderzoek en ontwikkeling 0-5